Meer aandacht voor privacybescherming burgers

 in IT-recht

Reactie van de ministers Hirsch Ballin van Justitie en Ter Horst van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in het kabinetsstandpunt op het advies van de privacycommissie Brouwer-Korf en de evaluatie van de Wet bescherming persoonsgegevens.

Naar aanleiding van het advies van de Commissie Brouwer-Korf en de evaluatie van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) hebben de ministers Hirsch Ballin en Ter Horst een kabinetsstandpunt geformuleerd. Hieruit komt naar voren dat het College bescherming persoonsgegevens (CBP), zich verder zal gaan toeleggen op handhaving van de Wbp.

Het kabinet kiest voor het stimuleren van een optimale gegevensbescherming en verwerking. Instanties die persoonsgegevens gaan gebruiken, moeten vooraf bepalen welke gegevens zij nodig hebben en met welk doel, en moeten dit ook duidelijk maken aan de burger. Het toezicht op de naleving van de wet wordt aangescherpt. Het delen van reeds beschikbare gegevens tussen overheidsinstanties wordt verder gestimuleerd ten behoeve van de veiligheid en de hulpverlening. Het kabinet werkt deze voornemens uit aan de hand van een viertal kernthema’s.

Kernthema 1: Gewoon doen: meer waarborgen bij de omgang met persoonsgegevens
Allereerst wil het kabinet meer aandacht voor de wijze waarop met persoonsgegevens wordt omgegaan en de waarborgen die daarbij moeten worden vervuld.

Kernthema 2: Robuuster extern toezicht
Het kabinet heeft de versterking van het externe toezicht als tweede thema aangemerkt. Voor de burger is het van belang dat hij zich gesteund weet door een toezichthouder wanneer op een onjuiste manier met zijn gegevens zou worden omgegaan. Onafhankelijk toezicht en onafhankelijke handhaving zijn daarbij kernwaarden.

Kernthema 3: Minder nadruk op procedures en controle vooraf
Onder deze noemer wil het kabinet bereiken dat administratieve lasten van burgers en bedrijven zoveel als mogelijk worden teruggedrongen. Bedrijven die een kwalitatief goed beleid voeren op het gebied van bescherming van persoonsgegevens kunnen worden bevrijd van bestaande administratieve lasten.

Kernthema 4: Het burgerperspectief
Om de positie van de burger beter te beschermen moet de burger door overheidsinstellingen en bedrijven die zijn gegevens verwerken, beter worden geïnformeerd over die verwerkingen.

Recent Posts
  • 26 april 2018

    Moet aanzeggen nu wél of niet schriftelijk?

    Marion Hagenaars
    Het lijkt zo eenvoudig: de werkgever informeert de werknemer schriftelijk uiterlijk een maand voordat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst. Doet hij dit niet, dan is hij aan de werknemer een vergoeding verschuldigd. Waarom ontstaat er dan toch zo vaak discussie tussen werkgever en
    Lees verder
  • 19 maart 2018

    Wie bepaalt noodzaak en inhoud verbetertraject: werkgever of medewerker?

    Marion Hagenaars
    Voor de HR-professional een bekend verschijnsel: disfunctioneren. Met de aantrekkende arbeidsmarkt waardoor het vinden van geschikte kandidaten een uitdaging is, is de disfunctionerende medewerker voor de HR-professional een belangrijk agendapunt. Dit geldt zeker binnen de IT-branche. Maar wie bepaalt of een verbetertraject noodzakelijk is? En waar moet een goed verbetertraject aan voldoen?
    Lees verder
  • 13 maart 2018

    De HR professional en privacy – Deel VII: persoonsgegevens delen met derden

    Marion Hagenaars
    Evelien van den Berg
    Personeelsgegevens die u als werkgever verkregen heeft, mag u niet zomaar doorgeven aan personen of instanties buiten uw organisatie. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Belastingdienst, het UWV, het pensioenfonds of uw advocaat. Verstrekken van personeelsgegevens aan derden Als werkgever verwerkt u persoonsgegevens en daarop is de AVG van toepassing. U bent dan verwerkingsverantwoordelijke en dat
    Lees verder

Plaats een reactie