Beslissing meerderheidsaandeelhouder in strijd met redelijkheid en billijkheid

 in Ondernemingsrecht

Besluit meerderheidsaandeelhouder geen winst uit te keren in strijd met de redelijkheid en billijkheid jegens de minderheidsaandeelhouder?

De rechtbank Amsterdam heeft een vonnis gewezen op 1 september 2010, RO 2010/73 over winstbestemming en de rechten van minderheidsaandeelhouders op een winstuitkering. Het ging om het besluit van de meerderheidsaandeelhouder van KLM om een deel van de winst te reserveren en niet uit te keren. De minderheidsaandeelhouders voelden zich benadeeld, en stelden dat het besluit in strijd was met de jegens hen in acht te nemen redelijkheid en billijkheid. De rechtbank stelde de minderheidsaandeelhouders in het ongelijk.

De rechtbank Leeuwarden heeft op 25 augustus 2010, RO 2010/75 ook een vonnis gewezen. In de situatie die hier speelde (gewone aandeelhouders ontvingen sinds de oprichting geen dividend, de ene preferente aandeelhouder steeds wel), werd het besluit tot reservering van de winst in strijd met de redelijkheid en billijkheid geacht en werd het vernietigd en veroordeelt de vennootschap tot uitkering van dividend. De rechtbank bepaalde daarbij zelf de hoogte van het uit te keren dividend.
In beginsel hebben aandeelhouders recht op uitkering van een redelijk dividend. Alleen wanneer het vennootschapsbelang zich tegen een uitkering verzet, kan hiervan worden afgeweken.

Bepalen de statuten van de vennootschap niets over de winstbestemming, dan wordt de winstuitkering direct opeisbaar vanaf het moment dat de jaarrekening is vastgesteld en goedgekeurd. Een voorafgaand besluit tot de uitkering van dividend, is in dat geval niet vereist.

Veelal geven de statuten echter wel een specifieke regeling over de winstbestemming. Bijvoorbeeld dat de algemene vergadering van aandeelhouders bevoegd is om een besluit te nemen tot reservering van (een gedeelte van) de winst. In dat geval is de winst pas opeisbaar wanneer de algemene vergadering een besluit tot bestemming van de winst heeft genomen.

In dat laatste geval kan een minderheidsaandeelhouder tegen zijn zin verstoken blijven van een winstuitkering, namelijk in het geval de meerderheidsaandeelhouder stemt voor het reserveren van (een gedeelte) van de winst.

De minderheidsaandeelhouder heeft verschillende manieren om op te komen tegen het uitblijven van een voor hem gunstig besluit tot uitkering van dividend. Zo kan hij naar de Ondernemingskamer stappen en een enquête verzoeken. Onderwerp: het gevoerde dividendbeleid. Toetsing: zijn er gegronde redenen om aan een juist beleid te twijfelen? Kader toetsing: is het dividendbeleid in overeenstemming met de redelijkheid en billijkheid? Indien dat het geval is, kan het besluit door de OK worden vernietigd. Tot op heden heeft de OK echter nog nooit vastgesteld dat van wanbeleid sprake is vanwege het gevoerde dividendbeleid.

Een andere optie is via de rechtbank het dividendbesluit waarbij besloten is geen of slechts een gedeelte van de winst uit te keren, te laten toetsen op eventuele strijdigheid met de in acht te nemen redelijkheid en billijkheid. De rechtbank zal het belang van de minderheidsaandeelhouder afwegen tegen het belang van de vennootschap zelf en dat van de meerderheidsaandeelhouders om de winst (gedeeltelijk) te reserveren. Hoe de belangenafweging uitpakt, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval.
Zolang een toelichting gegeven is op het gevoerde dividendbeleid en dit beleid kenbaar is gemaakt, zal niet snel sprake zijn van een dividendbesluit dat in strijd met de redelijkheid en billijkheid is genomen. De belangen van de minderheidsaandeelhouders zullen veelal niet op onevenredige wijze zijn geschaad. Daarmee zal het opkomen tegen een dividendbesluit, niet snel succesvol zijn.

Een minderheidsaandeelhouder doet er dan ook goed aan, in het geval de statuten voorzien in een regeling omtrent de bestemming van dividend, contractuele afspraken te maken met de meerderheidsaandeelhouder over de winstbestemming en deze afspraken vast te leggen in een aandeelhoudersovereenkomst.

Recente berichten
  • 22 mei 2019

    Ongewenst gedrag leidinggevende. Wat wordt er van de werkgever verwacht?

    Evelien van den Berg
    In een recente uitspraak heeft Hof ’s-Hertogenbosch nader invulling gegeven aan de zorgplicht die een werkgever heeft op grond van de Arbeidsomstandighedenwet.
    Lees verder
  • 24 april 2019

    Cocaïne op het werk

    Marion Hagenaars
    Cocaïne tijdens een bedrijfsuitje? Gedragsregels op orde? Werk en privé zijn gescheiden. Dat is in ieder geval het uitgangspunt. Als werkgever gaat u dus niet over het uitoefenen van gevaarlijke sporten, mishandeling van partners, uitlatingen op social media, wietplantages op zolder, drank- en drugsgebruik. Maar wat geldt tijdens bedrijfsuitjes?
    Lees verder
  • 2 april 2019

    Protection of health-related data: Council of Europe issues new guidelines

    Bob Cordemeyer
    The press release of the Council of Europe March 28, 2019: “ The Council of Europe has issued a set of guidelines to its 47 member states urging them to ensure, in law and practice, that the processing of health-related data is done in full respect of human rights, notably the right to privacy and
    Lees verder

Plaats een reactie

Top