Kennelijk onredelijk ontslag

 in Arbeidsrecht

Op 27 november 2009 en op 12 februari 2010 heeft de Hoge Raad belangrijke arresten gewezen in het kader van kennelijk onredelijk ontslag. In deze arresten heeft de Hoge Raad onder meer bepaald dat het enkel ontbreken van een voorziening een ontslag nog niet kennelijk onredelijk maakt, de kantonrechtersformule niet als algemeen uitgangspunt kan dienen voor de bepaling van een vergoeding wegens kennelijke onredelijke opzegging en dat bij schadevergoedingen wegens kennelijk onredelijk ontslag een algemene formule niet kan worden toegepast. De rechter moet nauwkeurig in zijn uitspraak verantwoorden welke omstandigheden en factoren de hoogte van de vergoeding bepalen. De Hoge Raad heeft daarom de arresten van de Hoven vernietigd waarin de opzegging van een arbeidsovereenkomst kennelijk onredelijk was geoordeeld en een schadevergoeding was toegekend op grond van de kantonrechtersformule verminderd met 30% of op grond van de zogenaamde XYZ-formule.

Wettelijk kader

Op grond van artikel 7:681 BW kan de opzegging van een arbeidsovereenkomst kennelijk onredelijk geacht worden (i) wanneer deze geschiedt zonder opgave van redenen of onder opgave van een voorgewende of valse reden en (ii) wanneer, mede in aanmerking genomen de voor de werknemer getroffen voorzieningen en de voor hem bestaande mogelijkheden om ander passend werk te vinden, de gevolgen van de opzegging voor hem te ernstig zijn in vergelijking met het belang van de werkgever bij de opzegging.

Praktijk

De kennelijk onredelijk ontslag procedure is een zogenaamde bodemprocedure die lang kan duren en ook daarom kostbaar is. Bovendien is de uitkomst voor de werknemer onzeker. Moet de werknemer eerst bewijzen dat de opzegging kennelijk onredelijk is, hetgeen al niet eenvoudig is, moet de werknemer vervolgens bewijzen welke schade hij heeft geleden. Vaak wordt het besluit van een werknemer om een dergelijke procedure aanhangig te maken daarom niet lichtzinnig genomen. Lidmaatschap van een vakvereniging of het hebben van een rechtsbijstandsverzekering helpt.

Ongewenst effect

De ongelijkheid tussen de uitkomsten van een ontbindingsprocedure en een kennelijk onredelijk ontslagprocedure wordt doorgaans ongewenst bevonden. Denk aan de bedrijfseconomische ontslaggrond. In een ontbindingsprocedure zal door een kantonrechter voor de vergoeding al snel aansluiting worden gezocht bij de neutrale kantonrechtersformule, zonder dat de werknemer hier veel voor hoeft te stellen. In een kennelijk onredelijk ontslagprocedure moet de werknemer echter stellen dat de opzegging kennelijk onredelijk is geweest en moet hij vervolgens bewijzen dat hij schade heeft geleden. Dit leidt er toe dat de feiten gelijk zijn, maar de uitkomsten (sterk) verschillend.

Gerechtshoven

De Gerechtshoven hebben geprobeerd aan deze (ongewenste) situatie een eind te maken door te overwegen dat het ontbreken van een voorziening (vergoeding) het ontslag kennelijk onredelijk maakt. Voor de toekenning van een vergoeding hebben de Gerechtshoven een algemene formule in het leven geroepen. De zogenaamde XYZ-formule en de formule waarbij op de (oude) neutrale kantonrechtersformule 30% in mindering wordt gebracht.

Op grond van wetstechnische overwegingen heeft de Hoge Raad de Hoven echter teruggefloten. Het enkele feit dat een voorziening ontbreekt maakt het ontslag niet kennelijk onredelijk en bij schadevergoedingen wegens kennelijk onredelijk ontslag kan een algemene formule niet worden toegepast.

De overwegingen van de Hoge Raad zijn op zichzelf juist. Beide procedures zijn simpelweg niet met elkaar te vergelijken. Al is het maar omdat in de ontbindingsprocedure een vergoeding naar billijkheid wordt toegekend en in een kennelijk onredelijk ontslag procedure een schadevergoeding. Toch was het wenselijk geweest als de Hoge Raad meer handvatten had gegeven voor het bepalen van de kennelijke onredelijkheid en de hoogte van een eventuele vergoeding om aan voornoemde ongewenste situatie een eind te kunnen maken.

Recente berichten
  • 11 mei 2021

    INPLP article May 11, 2021

    Wouter Huisman
    Bob Cordemeyer
    Fine of €475,000 for Booking.com reporting data breach 22 days to late. According to a press release of April 6 the Dutch Data Protection Authority (Autoriteit Persoonsgegevens) imposed a €475,000 fine on Booking.com because the company took too long to report a data breach to the DPA into compliance with Article 33 GDPR.
    Lees verder
  • 13 april 2021

    Het doolhof van de wet- en regelgeving op het gebied van de zieke werknemer: deel 1.

    Marion Hagenaars
    Wie bepaalt: de bedrijfsarts of het UWV? Verzuimbegeleiding en re-integratie De werkgever is verantwoordelijk voor de verzuimbegeleiding en re-integratie van de zieke werknemer. De werknemer is verplicht om aan zijn re-integratie mee te werken. In de Arbeidsomstandighedenwet is bepaald dat de werkgever zich hierbij moet laten bijstaan door een gecertificeerde arbodienst of bevoegde bedrijfsarts. De
    Lees verder
  • 17 februari 2021

    440,000 EUR fine for Dutch hospital OLVG for access by unauthorized personnel to medical records

    Bob Cordemeyer
    On 11 February 2021 the Dutch Data Protection Authority imposed a fine of EUR 440.000, = on Amsterdam hospital OLVG for having no sufficient measures in place to prevent access to medical records by unauthorized personnel and therefore infringing article 32 (1) GDPR. An investigation was started after the DPA received several complaints of potential violations.
    Lees verder

Plaats een reactie

Top