Medi Lease versus Econocom Nederland

 in Ondernemingsrecht

Medi Lease (eiseres) voert een onderneming die zich bezighoudt met het verhuren en leasen van medische apparatuur. Sinds 1988 is zij rechthebbende van het Benelux beeldmerk Medi Lease. Sedert 1989 staat zij in het handelsregister geregistreerd onder de handelsnaam Medi Lease. In 1999 heeft Medi Lease de domeinnaam “medilease.nl” laten registreren.

Econocom (gedaagde) is een onderneming die zich bezighoudt met het deelnemen in en het voeren van directie over andere ondernemingen. Sinds 2004 is zij rechthebbende van het Benelux beeldmerk “Medlease” en van de domeinnaam “medlease.nl”. Sinds 2004 biedt Econocom op de medische markt financiële diensten aan, onder de naam Medlease.

Medi Lease vordert bij Rechtbank Utrecht het gebruik van de naam Medlease door Econocom voor gestaakt te houden. De Voorzieningenrechter maakt echter korte metten met de eis van Medi Lease. Zo wordt geoordeeld dat het onderdeel “Medi Lease” van het beeldmerk van Medi Lease los van het beeldmerk niet als merk kan dienen en derhalve niet voor bescherming in aanmerking komt. Het bestandsdeel “Medi” met name gezien in de markt waarin Medi Lease zich beweegt, moet als een gebruikelijke afkorting voor “Medisch” worden aangemerkt. Het tweede bestandsdeel “Lease”, is ook een veel gebruikte term, te weten het leasen c.q. verhuren van medische apparatuur. Beide bestanddelen zijn beschrijvend voor een kenmerk van de waren en diensten waarvoor het merk in ingeschreven en geven aldus geen bescherming aan deze eenvoudige aaneenvoeging van woorden, als in artikel 2.20 lid 1 sub b BVIE. Een beroep op de inburgering van het beeldmerk wordt door de Voorzieningenrechter eveneens afgewezen. Dat Medi Lease al sinds 1985 onder Medi Lease een onderneming drijft is onvoldoende grond om van inburgering sprake te laten zijn.

Een eventuele inbreuk op de handelsnaam van Medi Lease, o.g.v. artikel 5 en 5a HNW wordt ook afgewezen. De handelsnaam Medi Lease heeft te weinig onderscheidend vermogen om als handelsnaam (in de zin van de Handelsnaamwet) aangemerkt te worden nu deze als zuiver beschrijvend dient te worden aangemerkt.

Recent Posts
  • 26 april 2018

    Moet aanzeggen nu wél of niet schriftelijk?

    Marion Hagenaars
    Het lijkt zo eenvoudig: de werkgever informeert de werknemer schriftelijk uiterlijk een maand voordat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst. Doet hij dit niet, dan is hij aan de werknemer een vergoeding verschuldigd. Waarom ontstaat er dan toch zo vaak discussie tussen werkgever en
    Lees verder
  • 19 maart 2018

    Wie bepaalt noodzaak en inhoud verbetertraject: werkgever of medewerker?

    Marion Hagenaars
    Voor de HR-professional een bekend verschijnsel: disfunctioneren. Met de aantrekkende arbeidsmarkt waardoor het vinden van geschikte kandidaten een uitdaging is, is de disfunctionerende medewerker voor de HR-professional een belangrijk agendapunt. Dit geldt zeker binnen de IT-branche. Maar wie bepaalt of een verbetertraject noodzakelijk is? En waar moet een goed verbetertraject aan voldoen?
    Lees verder
  • 13 maart 2018

    De HR professional en privacy – Deel VII: persoonsgegevens delen met derden

    Marion Hagenaars
    Evelien van den Berg
    Personeelsgegevens die u als werkgever verkregen heeft, mag u niet zomaar doorgeven aan personen of instanties buiten uw organisatie. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Belastingdienst, het UWV, het pensioenfonds of uw advocaat. Verstrekken van personeelsgegevens aan derden Als werkgever verwerkt u persoonsgegevens en daarop is de AVG van toepassing. U bent dan verwerkingsverantwoordelijke en dat
    Lees verder

Plaats een reactie