Mogelijkheid tot raadplegen algemene voorwaarden via internet zoekopdracht

 in IT-recht

Onlangs heeft de Hoge Raad weer eens duidelijk gemaakt dat algemene voorwaarden, ook in geval van elektronisch contracteren (bijvoorbeeld per e-mail of via internet), deugdelijk ter hand moeten worden gesteld om van toepassing te zijn. Het feit dat de toepasselijke algemene voorwaarden door middel van een eenvoudige zoekopdracht op het internet te vinden zijn is niet voldoende om te kunnen spreken van een ter hand stelling in de zin van artikel 6:234 BW en dus van een kennisname in de zin van artikel 6:233 BW. Het gevolg van niet deugdelijk ter hand stellen is dat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn op de overeenkomst.

De zaak voor de Hoge raad behelst, simpel gesteld, het volgende: De bedrijven KPN Hot Spots B.V. en First Data B.V hebben een overeenkomst gesloten voor de levering van een kassasysteem door First Data aan KPN Hot Spots. Hiervoor is door partijen een offerte ondertekend waarin bekende FENIT- voorwaarden van toepassing werden verklaard. Later werd KPN Hot Spots door First Data gedagvaard vanwege het onbetaald laten van facturen. Naast betaling werden, uit hoofde van de FENIT-voorwaarden, ook de werkelijke incasso en proceskosten gevorderd door First Data.

KPN Hot Spots verweerde zich door te stellen dat de FENIT-voorwaarden niet daadwerkelijk waren overhandigd zodat van toepassing geen sprake kon zijn. Er werd in de offerte immers slechts gemeld dat deze voorwaarden van toepassing waren. De reactie van First Data hierop was dat iedereen de desbetreffende voorwaarden eenvoudig kan vinden op het internet middels een zoekmachine.

De Hoge Raad was het echter niet met First Data eens en oordeelde:

“Aan de voorwaarden waaronder een redelijke mogelijkheid tot kennisneming als bedoeld in art. 6:233, onder b, BW langs elektronische weg kan worden geboden, is derhalve noch onder de vigeur van het hier toepasselijke art. 6:234 lid 1 (oud) BW noch onder het met ingang van 1 juli 2010 geldende art. 6:234 lid 3 BW voldaan (…). Ten overvloede wordt overwogen dat, anders dan het onderdeel kennelijk voorstaat, een redelijke en op de praktijk afgestemde uitleg van de in art. 6:233, onder b, in verbinding met art. 6:234 vervatte regeling niet meebrengt dat, indien de mogelijkheid tot kennisneming langs elektronische weg mag worden geboden, de gebruiker reeds aan zijn uit art. 6:233, onder b, voortvloeiende informatieplicht heeft voldaan indien de desbetreffende voorwaarden (door een zoekopdracht) op internet kunnen worden gevonden. Uit het systeem van art. 6:234 (oud) volgt immers – gelijk onder het huidige art. 6:234 het geval is – dat de gebruiker het initiatief tot bekendmaking van de algemene voorwaarden moet nemen, en wel op zodanige wijze dat voor de wederpartij duidelijk is welke voorwaarden op de rechtsverhouding van toepassing zijn en dat de wederpartij daarvan eenvoudig kennis kan nemen. “

De gebruiker van algemene voorwaarden dient dus er zelf zorg voor te dragen dat haar wederpartij de mogelijkheid heeft om van deze voorwaarden kennis te nemen. Dit kan door deze op papier mee te sturen met een offerte of overeenkomst of, in geval van elektronisch contracteren, deze per PDF mee te zenden. Als er al wordt verwezen naar algemene voorwaarden in een offerte of overeenkomst zelf, door middel van het verwijzen naar een internetpagina, dan moet deze verwijzing tenminste voorzien zijn van een hyperlink waarmee de wederpartij direct uitkomt op de pagina waarop deze voorwaarden staan.

Lees de uitspraak hier.

Recent Posts
  • 16 januari 2018

    Waadi voor IT detacheerders groot risico

    Marion Hagenaars
    Stel: als IT ondernemer detacheert u eigen werknemers bij klanten. Met deze werknemers heeft u een relatiebeding gesloten met boeteclausule. U hoeft er dus niet bang voor te zijn dat deze werknemers gedurende het relatiebeding bij uw relaties gaan werken. Dit zou immers verlies van opdrachten en opdrachtgevers kunnen betekenen en dus aanzienlijke schade. Of
    Lees verder
  • 10 januari 2018

    “Je bent net een ijsje, ik zou je van onder tot boven willen likken”

    Marion Hagenaars
    Seksuele intimidatie op het werk. Hoe te voorkomen? “Ik moet even tussen je benen grabbelen”, “I’m not looking at your tits”, “Ik heb ook nog een paar lekkere noten”, Facebook-vriendschappen met scholieren, ongepaste uitspraken via WhatsApp en borsten en billen die worden vastgepakt. Grensoverschrijdend gedrag dat ontslag rechtvaardigt of passend binnen de bestaande “knuffelcultuur”? #MeToo
    Lees verder
  • 28 december 2017

    De bewijskracht van blockchain

    Wouter Huisman
    De laatste tijd gebeurde weer genoeg in het land van de cryptocurrencies. Zo steeg de waarde van bitcoin tot maar liefst 20.000 dollar, gaf de Amerikaanse toezichthouder CFTC groen licht voor de handel van futures in cryptovaluta, maar verloor de digitale coin rond de kerst weer bijna een derde van zijn waarde. Terwijl de koers
    Lees verder

Plaats een reactie