Status wetsvoorstel vakantiedagen

 in Arbeidsrecht

In 2010 heeft het kabinet bekend gemaakt dat zij door middel van een wetsvoorstel de opbouw van vakantiedagen wil gaan aanpassen. Dit wetsvoorstel is op 16 december 2010 zonder beraadslaging aangenomen door de Tweede Kamer. Op 24 mei 2011 is het wetsvoorstel aangenomen door de Eerste Kamer. De wet treedt op 1 januari 2012 in werking zonder terugwerkende kracht.

De wetswijziging is noodzakelijk om de Nederlandse wetgeving in overeenstemming te brengen met uitspraken van het Europese Hof van Justitie.

Inhoud wetsvoorstel

Het wetsvoorstel ziet op twee belangrijke aspecten. Allereerst wordt de opbouw van vakantiedagen tijdens de periode van arbeidsongeschiktheid gewijzigd en daarnaast wordt de verjaringstermijn van wettelijke vakantiedagen verkort.

Nieuwe wet

  • Over de gehele periode van arbeidsongeschiktheid worden de wettelijke vakantiedagen opgebouwd. De wettelijke hoeveelheid vakantiedagen bedraagt vier keer de overeengekomen arbeidsduur per week. (Op basis van 40 uur werken per week heeft de werknemer zodoende twintig wettelijke vakantiedagen per jaar.)
  • Vakantiedagen kunnen met instemming van de werknemer tijdens de ziekte worden opgenomen. Indien de werknemer hier niet mee instemt, kan de werkgever het verzoek om vakantie afwijzen. De werkgever dient dit tijdig aan te geven en goed te onderbouwen.
  • Alle wettelijke vakantiedagen moeten worden opgenomen in het jaar waarin de dagen worden opgebouwd. Indien dat niet mogelijk is, dient de werknemer de resterende vakantiedagen op te nemen vóór 1 juli van het daarop volgende jaar. Wanneer de werknemer ook dan niet zijn wettelijke vakantiedagen heeft opgenomen, komen deze te vervallen, tenzij de werknemer redelijkerwijs niet in staat was om zijn vakantiedagen op te nemen.
  • De mogelijkheid bestaat om in onderling overleg de vervaltermijn van de wettelijke vakantiedagen te verlengen.
  • De verjaringstermijn van bovenwettelijke vakantiedagen blijft ongewijzigd en zal dus ook na de inwerkingtreding van het wetsvoorstel vijf jaar bedragen.

Oude wet

  • Volgens de huidige wetgeving bouwt de volledig arbeidsongeschikte werknemer alleen vakantiedagen op over de laatste zes maanden van de arbeidsongeschiktheid.
  • Alle vakantiedagen verjaren na vijf jaar.

Commentaar

Er is nog sprake van verschillende onduidelijkheden. Niet alle vragen zijn momenteel te beantwoorden en de tijd zal uitwijzen hoe de rechterlijke macht de wet gaat interpreteren. Enkele vragen zijn in de kamerstukken al wel beantwoord.

Welke vakantiedagen dienen het eerst te moeten worden opgenomen?

Het is voor de werknemer van groot belang om eerst de wettelijke vakantiedagen op te nemen en daarna de bovenwettelijke vakantiedagen, aangezien de verjaringstermijn van de laatst genoemde vakantiedagen langer is. Onder de huidige wetgeving worden eerst de oude vakantiedagen opgenomen. Onder de nieuwe wetgeving mag de werknemer echter zelf aangeven welke vakantiedagen hij als eerste op wil nemen. Doorgaans zullen dit de wettelijke vakantiedagen zijn. Belangrijk is dat in de administratie van de werkgever het verschil tussen de wettelijke en de bovenwettelijke vakantiedagen zichtbaar is.

Verjaren de (wettelijke) vakantiedagen van de arbeidsongeschikte werknemer ook na een half jaar?

In het geval van een arbeidsongeschikte werknemer geldt in beginsel dezelfde regel; de werknemer dient in beginsel de (wettelijke) vakantiedagen op te nemen in het jaar dat deze zijn opgebouwd. De vakantiedagen vervallen na zes maanden, tenzij de werknemer redelijkerwijs niet de mogelijkheid heeft gehad om de vakantiedagen op te nemen. De volledig arbeidsongeschikte werknemer heeft doorgaans niet de mogelijkheid om van zijn vakantie te genieten, waardoor de vakantieaanspraken niet na een half jaar zullen vervallen. Uitzondering hierop betreft bijvoorbeeld een handarbeider die zijn vingers gebroken heeft; deze werknemer kan natuurlijk genieten van een strandvakantie in Turkije.

Een re-integrerende werknemer valt niet onder de uitzonderingssituatie. Deze werknemer is in staat om vakantie op te nemen om te recupereren van de re-integratieverplichtingen. In het algemeen zal gelden dat het opnemen van vakantie niet ten koste zal gaan van het re-integratietraject. In de gevallen waar het opnemen van de (wettelijke) vakantiedagen het re-integreren in de weg staat, zullen deze vakantiedagen niet komen te vervallen indien de vakantiedagen niet op een ander moment kunnen worden opgenomen. Om misverstanden te voorkomen is het verstandig als de werkgever de re-integrerende werknemer bij de aanvang van de re-integratie wijst op de verjaringstermijn van de vakantiedagen. Dit kan de werkgever ook opnemen in het re-integratieplan.

Onduidelijk is hoeveel vakantiedagen de re-integrerende werknemer op moet nemen wanneer de werknemer op vakantie gaat. Wanneer deze werknemer op arbeidstherapeutische basis een paar uur per week werkzaamheden verricht bij de werkgever, lijkt het onredelijk om de werknemer wel voor de hele week vakantiedagen op te laten nemen. Het ligt zodoende voor de hand dat de werknemer slechts voor de uren vakantie hoeft op te nemen waarvoor de werknemer ook re-integratieverplichtingen heeft.

Recent Posts
  • 7 juni 2018

    IT-ondernemingen wees zuinig op je personeel

    Marion Hagenaars
    Terugkerend nieuws: gebrek aan IT-ers. Dit gebrek aan IT-ers is een groot obstakel voor innovatie. Het plan om de fiscale regeling voor buitenlandse werknemers (de zogenaamde “30%-regeling”) van 8 naar 5 jaar te verkorten per 1 januari a.s. helpt IT-ondernemingen hierbij niet. Niet alleen het werven, maar ook het behouden van IT-ers is daarom steeds
    Lees verder
  • 1 juni 2018

    C&S wint de eerste prijs met het beste en leukste stageverslag!

    Hanneke Slager
    Ter gelegenheid van de officiële uitreiking van de stageverklaring van onze collega Pim Hesselink op 31 mei 2018 heeft de deken van Noord-Holland het stageverslag van C&S voor de lichting 2014/2015, als beste en meest originele beloond met de 1e prijs! Nadat we bij vorige uitreiking 2e zijn geworden gaan we er natuurlijk voor zorgen
    Lees verder
  • 1 juni 2018

    SGOA start met ‘Privacy & Security kamer’

    Hanneke Slager
    SGOA, sinds 1989 het onafhankelijke instituut voor geschiloplossing in de informatiemaatschappij, is een Privacy & Security kamer gestart. Als voorzitter van SGOA Nederland ben ik trots op dit initiatief en op de privacy specialisten die beschikbaar zijn voor het behandelen van privacy en security geschillen. Want dat die geschillen gaan ontstaan, is net zo zeker
    Lees verder

Plaats een reactie