Uitleg 403-verklaring

 in Ondernemingsrecht

Een 403-verklaring kent twee aspecten: één die verband houdt met de mogelijkheid voor groepsvennootschappen vrijstelling te verkrijgen voor de inrichting en publicatievereisten van de eigen jaarrekening, en één die verband houdt met de mogelijkheid dat schuldeisers de moedervennootschap aanspreken voor schulden van de dochtervennootschap. De wet stelt eisen waaraan de 403-verklaring moet voldoen, wil van de vrijstelling gebruik gemaakt kunnen worden.

Voor crediteuren is van belang de inhoud van de 403-verklaring en niet zozeer of de verklaring al dan niet voldoet aan de wettelijke vereisten voor de vrijstelling. Het is dus ook mogelijk dat de inhoud van een 403-verklaring geen toegang biedt tot de vrijstelling omdat niet wordt voldaan aan de wettelijke vereisten daarvoor maar dat de verklaring desondanks wel door schuldeisers kan worden ingeroepen jegens de moedervennootschap indien de dochtervennootschap haar schulden niet voldoet.

In een zaak die voorlag bij het Hof te Den Bosch (13 oktober 2009, JOR 2010, 147), sprak een crediteur van de dochtervennootschap, het moederconcern aan omdat deze een 403-verklaring verklaring had afgegeven. In deze verklaring stelde de moeder zich hoofdelijk aansprakelijk voor schulden van de dochter voortvloeiende uit rechtshandelingen aangegaan met ingang van 13 november 2001. Voor deze datum gesloten overeenkomsten, vielen daarmee buiten de hoofdelijke aansprakelijkheidstelling. En daarmee ving ook de crediteur bot: de overeenkomst die niet werd nagekomen door de dochtervennootschap dateerde van 14 augustus 2001, zodat de moedervennootschap niet aansprakelijk gehouden kon worden voor de schulden van de dochter.

De schuldeiser probeerde in de zaak bij het Hof aan te tonen dat partijen bedoeld zouden hebben dat de schuld die voortvloeide uit de overeenkomst onder de werking van de 403-verklaring te laten vallen. De Hof laat echter geen ruimte voor partijbedoelingen: een 403-verklaring wordt grammaticaal uitgelegd. Enkel de bewoordingen van de verklaring zijn beslissend en niet wat partijen al dan niet beoogd of bedoeld hadden.

Wel laat het Hof de schuldeiser toe in het leveren van bewijs voor haar stelling dat partijen bedoeld zouden hebben de moedervennootschap hoofdelijk aansprakelijk te laten stellen voor schulden van de dochtervennootschap en dat partijen meenden dat dit bereikt kon worden met het afgeven door de moedervennootschap van de 403-verklaring. Deze hoofdelijke aansprakelijkheid zou in dat geval niet voortkomen uit de 403-verklaring, maar uit een afspraak tussen partijen waarmee zij beoogden dat de moedervennootschap zich hoofdelijk aansprakelijk zou stellen voor schulden van de dochter jegens deze schuldeiser. De moedervennootschap gaat voorlopig nog niet vrij uit…
wordt vervolgd.

Recent Posts
  • 13 december 2017

    e-Privacy Verordening: wat verandert er?

    Bob Cordemeyer
    10 januari 2017 publiceerde de Europese Commissie het voorstel voor een herziening van de bestaande e-Privacyrichtlijn (Richtlijn 2002/58/EG). Met de invoering van de Algemene Verordening Persoonsgegevens (Verordening (EU) 2016/679), die 25 mei 2018 in werking treedt, wordt hiermee een belangrijke stap gezet voor de hervorming en uniformiteit van de regelgeving voor gegevensbescherming. Het streven van
    Lees verder
  • 14 december 2017

    Wijzigingen 2018 & het regeerakkoord voor HR

    Marion Hagenaars
    Nieuwe uitdagingen voor HR in 2018. Ook in 2018 krijgt HR weer te maken met nieuwe wet-en regelgeving. Via deze blog informeren we je over de belangrijkste wijzigingen. 2018 De volgende wijzigingen voor 2018 zijn voor HR van belang: Transitievergoeding De transitievergoeding bedraagt in 2018 maximaal € 79.000,- bruto of – indien hoger – een
    Lees verder
  • 29 november 2017

    Ondernemingsraden let op met privacy!

    Marion Hagenaars
    Ondernemingsraden vervullen een belangrijke rol met betrekking tot privacy. Elk besluit tot het vaststellen, wijzigen of intrekken van een regeling omtrent het verwerken en/of beschermen van persoonsgegevens is namelijk instemmingsplichtig. Dit betekent dat de ondernemer om een dergelijk besluit te kunnen nemen óf instemming nodig heeft van de ondernemingsraad óf vervangende instemming van de kantonrechter.
    Lees verder

Plaats een reactie