Deelname in StiPP, het vervolg

 in Arbeidsrecht

Eind 2014 is een aantal arresten gewezen over verplichte deelname in StiPP. Deze arresten geven meer duidelijkheid over de vraag of voor verplichte deelname een allocatiefunctie is vereist en hoe wordt bepaald bij welke partij leiding en toezicht rust.

Deelname in StiPP is op grond van het verplichtstellingsbesluit verplicht voor uitzendkrachten die op basis van een uitzendovereenkomst werkzaam zijn voor een uitzendonderneming. Een uitzendkracht werkt onder leiding en toezicht van de opdrachtgever. Een uitzendonderneming stelt voor tenminste 50% van het totale premieplichtig loon op jaarbasis uitzendkrachten ter beschikking. Zie voor eerdere blogs op deze website d.d. 4 september 2013 en 7 augustus 2014.

Op grond van eerdere jurisprudentie en de wetsgeschiedenis werd er voor het bestaan van een uitzendonderneming vanuit gegaan dat er sprake dient te zijn van een werkgever die een allocatiefunctie vervult op de arbeidsmarkt. In de wetsgeschiedenis wordt toegelicht dat het daarbij gaat om werkgevers die er hun bedrijf of beroep van maken om vraag en aanbod van tijdelijke arbeid bij elkaar te brengen.

Het hof Amsterdam heeft in twee recente arresten echter anders geoordeeld. In het meest recente arrest is het oordeel van het hof het meest vergaand: de eis dat de uitzendonderneming een allocatiefunctie vervult, valt niet in de wet te lezen en vloeit hier ook niet uit voort. Er wordt door het hof derhalve eerder een uitzendovereenkomst aangenomen. Er dient “alleen” aan het 50%-criteria te zijn voldaan en de uitzendkracht dient te werken onder leiding en toezicht van de opdrachtgever.

Wat betreft het werken onder leiding en toezicht van de opdrachtgever is van belang dat het hof Amsterdam van oordeel is dat het feit dat de personen die ter beschikking zijn gesteld gespecialiseerde werkzaamheden verrichten waarvan opdrachtgevers zelf over onvoldoende kennis beschikken, niet betekent dat deze personen niet zouden kunnen werken onder leiding en toezicht van de opdrachtgever. Ook ten aanzien van deze werknemers kan de opdrachtgever een instructiebevoegdheid hebben.

Conclusie

Deelname in StiPP wordt eerder aangenomen. Van een allocatiefunctie hoeft blijkens de arresten van het hof Amsterdam niet per definitie sprake te zijn. Het feit dat werknemers die ter beschikking worden gesteld, beschikken over gespecialiseerde kennis die bij de opdrachtgever zelf niet aanwezig is, betekent bovendien niet dat de opdrachtgever geen instructiebevoegdheid kan hebben. Gelet op deze ontwikkelingen is van nog groter belang dat commerciële contracten, algemene voorwaarden, arbeidsovereenkomsten, administraties en websites op orde zijn en geen ruimte laten voor discussie. Het wachten is nu op de Hoge Raad.

Recente berichten
  • 19 juli 2021

    Nieuwe wet Bestuur & Toezicht Rechtspersonen

    Veerle Cordemeyer
    Per 1 juli 2021 is de nieuwe Wet Bestuur & Toezicht Rechtspersonen in werking getreden met het doel om de kwaliteit van bestuur en toezicht bij verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen en stichtingen te verbeteren. Met deze nieuwe wet wordt aangesloten op de bestaande regels voor de N.V. en de B.V. De belangrijkste wijziging voor de
    Lees verder
  • 8 juli 2021

    Juridische aspecten van ransomware aanvallen

    Veerle Cordemeyer
    Wouter Huisman
    Afgelopen vrijdag is wereldwijd op grote schaal een ransomware-aanval gepleegd, waarbij de gegevens van duizenden bedrijven die gebruik maken van de Kaseya tool, waaronder in Nederland, zijn gegijzeld. Kaseya is een Amerikaans bedrijf dat software levert waarmee IT-leveranciers in staat zijn om beheersdiensten op afstand uit te voeren. Maandag werd bekend dat de groep achter
    Lees verder
  • 3 juni 2021

    SER adviseert over de hervorming van de arbeidsmarkt.

    Marion Hagenaars
    Gisteren heeft de SER een ontwerpadvies gepubliceerd voor een nieuw kabinet. De SER (ondernemers, werknemers en onafhankelijke kroonleden) is voor sociaal-economische vraagstukken de belangrijkste adviesraad voor de regering en het parlement. De SER adviseert fors te investeren in brede welvaart, waaronder in zekerheid van werk en inkomen. Nederland is gemiddeld genomen een welvarend en gelukkig
    Lees verder

Plaats een reactie

Top