Het doolhof van de wet- en regelgeving op het gebied van de zieke werknemer: deel 2.

 In Arbeidsrecht

De loonstop, de werknemer die vraagt om een nieuwe afspraak met de bedrijfsarts en de werkgever die zich “verschuilt” achter het advies van de bedrijfsarts. 

Re-integratietrajecten zitten vol valkuilen en zijn soms gekmakend. Werknemers die na een verkregen advies van de bedrijfsarts direct om een nieuwe afspraak vragen, werkgevers die het gevoel hebben voor de gek te worden gehouden en de loonbetaling staken en adviezen van bedrijfsartsen die de prullenbak in kunnen.

Loon tijdens ziekte

Tijdens ziekte heeft de werknemer gedurende een tijdvak van 104 weken recht op (gedeeltelijke) doorbetaling van zijn loon. Onder voorwaarden is het echter mogelijk de loondoorbetaling tijdens ziekte op te schorten of te staken. Als de werkgever niet kan controleren of de werknemer recht heeft op loon, kan de loonbetaling worden opgeschort. Als de werknemer o.a. weigert om passende arbeid te verrichten, kan de loonbetaling worden gestaakt. Voor zowel de loonopschorting als de loonstaking geldt dat de werkgever de grond voor opschorting of staking direct aan de werknemer moet melden.

Opnieuw naar de bedrijfsarts

In de praktijk komt het regelmatig voor: de werknemer heeft het spreekuur van de bedrijfsarts bij wijze van spreken nog niet verlaten en meldt zich opnieuw ziek. De klachten zouden zijn toegenomen of nieuwe klachten zijn ontstaan. Het gevoel dat hierdoor kan ontstaan, is dat misbruik wordt gemaakt van ziekte. De neiging van werkgevers is daarom vaak om vast te houden aan het recente advies van de bedrijfsarts en om een nieuwe ziekmelding niet te accepteren. Dit kan de werkgever echter duur komen te staan.

Rechtbank Rotterdam

De rechtbank Rotterdam heeft zich hier recent over uitgelaten. De werknemer heeft zich ziek gemeld na een operatie. Op 26 augustus 2020 is de werknemer op het spreekuur van de bedrijfsarts geweest. De bedrijfsarts is duidelijk: de werknemer is geschikt voor aangepast werk rekening houdend met een aantal beperkingen. De bedrijfsarts meldt echter ook dat er sprake is van nieuwe medische klachten en dat de werknemer de volgende dag een afspraak heeft voor gericht onderzoek. De werknemer wordt door de werkgever uitgenodigd voor een gesprek over het starten van de werkzaamheden. De werknemer laat weten dat hij het niet eens is met het oordeel van de bedrijfsarts en verschijnt niet op de afspraak. Hierop wordt de loonbetaling gestopt. Werknemer verzoekt vervolgens verschillende keren om een afspraak met de bedrijfsarts omdat zijn klachten zouden zijn verergerd. Werkgever volhardt in het standpunt dat de werknemer zoals de bedrijfsarts op 26 augustus 2020 had geadviseerd met de re-integratiewerkzaamheden moest beginnen, voordat hij opnieuw door de bedrijfsarts beoordeeld zou worden.

De werkgever haalt bakzeil, de loonvordering van de werknemer wordt toegewezen. De rechter is van oordeel dat te snel tot een loonstop is overgegaan. De werkgever had de werknemer opnieuw door de bedrijfsarts moeten laten oproepen om te beoordelen of de werknemer in staat was passende arbeid te verrichten. Er was immers sprake van nieuwe medische klachten, waarnaar de dag erna onderzoek zou worden gedaan en werknemer heeft melding gemaakt van verergerde klachten.

Werkgever werpt nog op dat slechts het advies van de arbodienst is opgevolgd. Hierover is de rechter kort: een werkgever is zelf verantwoordelijk voor het re-integratietraject van een zieke werknemer en kan zich daarbij niet verschuilen achter het advies van een bedrijfsarts.

Conclusie

Een loonstop of loonopschorting wordt door rechters kritisch beoordeeld. De consequenties zijn immers verstrekkend. Beroept een werknemer zich op nieuwe of verergerde klachten, dan is het verstandig zo niet noodzakelijk om de werknemer opnieuw in contact te laten treden met de bedrijfsarts. Hierbij geldt dat het advies van de bedrijfsarts vanzelfsprekend zwaarwegend is, maar dat dit de werkgever niet ontslaat van de eigen verantwoordelijkheid voor de re-integratie. Het advies van de bedrijfsarts kan dus niet blindelings door de werkgever worden gevolgd.

Recent Posts
  • 2 juni 2026

    We noemen het HaaS, want dan is het geen HuuR. Of toch wel..?

    Hanneke Slager
    Hardware als dienst HaaS (hardware as a service) en varianten daarop, zoals DaaS (device as a service), zijn populaire vormen van het beschikbaar stellen van hardware. Van zware servers tot laptops, tablets, smart phones, netwerkapparatuur en PC’s en alle andere IT “spullenboel” daartussenin (ik noem dat hierna gemakshalve allemaal “hardware”). Met “as a service” wordt
    Read More
  • 28 april 2026

    Nieuwsbrief april 2026

    Hanneke Slager
    Woord vooraf  De laatste tijd zien we veel nieuwe ontwikkelingen die impact hebben op de IT-sector. Er is in korte tijd veel nieuwe wetgeving gekomen en we zien een toenemende dreiging van cyberaanvallen, waarbij hackers steeds geraffineerder te werk gaan en maximaal gebruik maken van de mens als ‘zwakste schakel’. Als gevolg hiervan hebben we
    Read More
  • 14 april 2026

    De zorgplicht van de IT-leverancier onder de loep: het vervolg bij de Hoge Raad

    Joar Spangenberg
    Op 13 maart 2026 heeft de Hoge Raad arrest gewezen in de zaak GAC/Verano c.s. De Hoge Raad verwerpt alle cassatieklachten van GAC, waarmee het oordeel van het Hof ’s-Hertogenbosch definitief in stand blijft. Een relevante uitspraak voor de IT-praktijk. Wat was de kern van de zaak? Het geschil draaide om de implementatie van een
    Read More

Leave a Comment

Top